De Woid.
In de Enkhuizer sportnota staat dat de Enkhuizers bij twee verenigingen jeu de boules kunnen spelen. Namelijk bij het Enkhuizerzand (die beschikt over een viertal banen naast het zwembad) en de Bokseknol.
Helaas een onjuiste weergave van de stand van zaken die (naar ik aanneem) geen enkel raadslid zal zijn opgevallen.
De Bokseknol is (nog geen) vereniging, maar de naam van een website, waarop ik uit de doeken doe wat je zou moeten doen wil je jeu de boules (als tijdverdrijf voor voornamelijk ouderen) van de grond wil krijgen en houden.
Wat ik met die website duidelijk wilde maken was, dat het niet volstaat om ergens buiten lukraak wat banen aan te leggen waar ouderen dan maar naar toe moeten gaan om met stalen ballen te gaan gooien. Je mag je ook afvragen of die locatie voor ouderen wel aantrekkelijk genoeg is en of zij daar over wat basale voorzieningen kunnen beschikken.
Het gaat hier niet om een sportcomplex, maar eerder om een hangplek voor ouderen.
Onder basale voorzieningen versta ik toiletten en de mogelijkheid om te schuilen en iets te drinken te krijgen.
Zoiets kost geld, maar als de gemeente niet te beroerd is om een half miljoen uit te trekken om een paar sloepeigenaren een leuk haventje te bezorgen, dan vind ik het niet buitenissig om ze te vragen of ze een stukje grond van pakweg 30 bij 30 meter willen verharden. Wat de kosten van toiletten en verblijfsruimte betreft, de investering daarin kan waarschijnlijk gewoon terug betaald worden uit de opbrengst van de verkoop van drankjes en andere versnaperingen.
Alweer, als de gemeente bereid is 80.000 euro uit te geven voor een openbaar toilet, wat zeurt men dan eigenlijk over de kosten van een eenvoudig clubgebouwtje.
De sleutelwoorden hier zijn eenvoud en betaalbaarheid
Van mij geen kwaad woord over de Bonte Bever, maar als onze welzijnswerkers denken dat ze mij (en vele anderen) een plezier gedaan hebben door een eetcafé te realiseren, dan hebben ze mijn behoeften (en mijn uitgaven patroon) toch behoorlijk verkeerd ingeschat.
Ik vrees dat alleen al de inrichting van de keuken en het restaurant meer gekost heeft dan de kosten van het realiseren van een clubgebouwtje zoals dat mij voor ogen staat.
Misschien moeten onze Enkhuizer raadsleden op een mooie woensdagmiddag maar eens in De Woid in Lutjebroek gaan kijken.
Daar speelt de gelijknamige jeu de boulesclub. Met 168 leden de grootste in oostelijk westfriesland.
Ze hebben een ledenstop omdat er geen uitbreidingsmogelijkheden zijn, waarmee is aangegeven dat als je over een leuke locatie beschikt en de prijzen voor je consumpties niet op horecaniveau liggen, de toestroom van leden geen probleem is.
Kortom de Bokseknol bestaat niet en zal er ook nooit komen zolang er geen locatie beschikbaar komt die vergelijkbaar is met die in Lutjebroek.
Het is dus alleen maar een kwestie van willen. Of “we” het willen bepalen onze raadsleden.
Ze laten zich daarbij voornamelijk leiden door rapporten over onze “behoeften” die door een semi ambtelijk apparaat als Sportservice in elkaar geknutseld worden. Toevalligerwijs komen die behoeften precies overeen met de “capaciteiten” waarover dat ambtelijk apparaat zegt te beschikken.
Als je kennis de vorm heeft van een hamer, hebben alle aangedragen oplossingen de vorm van een spijker.
Daarom een klemmende verzoek aan onze raadsleden, fiets eens naar De Woid in Lutjebroek en vraag jezelf af.
Zou je zoiets ook op eigen kracht op de Bokse Weide (of achter gemeentewerken) kunnen realiseren of missen we daarvoor in Enkhuizen de bestuurlijke capaciteit en visie.
Bestaansrecht.
Nadat ik er de afgelopen 3 maanden aan gewend was geraakt dat, als ik jeu de boules wilde spelen, er zo’n 40 tot 50 man beschikbaar waren die dat ook wilden, was het even schrikken toen ik me afgelopen zondag weer bij mijn kluppie in Bovenkarspel meldde. Prachtig weer, maar slechts 13 liefhebbers. Een zorgelijke ontwikkeling lijkt me.
Achteraf bleek, dat een behoorlijk aantal recreatiespelers er de voorkeur aan had gegeven om mee te doen aan een toernooi elders in Stede Broec en ook wat sportievelingen waren afgereisd naar een toernooi met wat meer allure.
Het zou mooi zijn als het bestuur van de “Drommedaris” over dit soort ontwikkelingen eens met zijn leden in gesprek ging.
Die mogelijkheid is er, want ze beschikken sinds kort over een weblog waarop ook gewone leden hun mening kenbaar kunnen maken, zodat er een soort dialoog zou kunnen ontstaan.
Mijn indruk is echter, dat het bestuur dit ziet als een gevaarlijke nieuwigheid en het liefst communiceert in de vorm van “mededelingen” in het (elke twee maanden verschijnende) clubblad.
In mijn opvatting vormen recreanten de basis voor elke gezonde jeu de boules club en moeten je inspanningen er op gericht zijn die te behouden en aan te trekken.
Zodra je club alleen nog maar aantrekkelijk is voor sportievelingen, verlies je draagkracht en komt ook je bestaansrecht in gevaar.
RSS - Posts